Tonnie van der Horst, 20 februari 2020

Gastblog: Bimodal IT als succesfactor voor de asset-intensieve industrie

De wereld anno 2020? Dat is er één waarin exponentieel snelle veranderingen elke industrie op zijn kop zetten. Bij Dimensys helpen we bedrijven het hoofd te bieden aan digitale disruptie. Hoe we dat doen? Met Gartner’s bimodal IT-framework. We zijn ervan overtuigd dat organisaties dankzij dit model voorop kunnen lopen. Omdat we zo enthousiast zijn over bimodal IT, nodigden we Tonnie van der Horst, Leadership Partner Enterprise Applications bij Gartner, uit om over het onderwerp te spreken op ons Food For Thought-event afgelopen jaar. Een inspirerend verhaal dat we graag met je delen!

_A5D8974 2700px-1

 

Bimodal IT. Het is een ingebed begrip en een bewezen werkwijze. Bij Gartner zien we dat dit model IT-afdelingen helpt om in te spelen op de eisen vanuit de business. Eisen die mede worden bepaald door consumerization en door digitalisering. Beiden aangejaagd door technologische veranderingen die elkaar bijna sneller dan het licht opvolgen. Ook in het nieuwe decennium zal voor menig bedrijf toegevoegde waarde en wendbaarheid van IT een uitdaging blijven. Waar eerst met name service-organisaties en start-ups mode 2 van het bimodal IT-model toepasten, is de asset-intensieve industrie mee gaan surfen op de digitale golven. En surfen, dat doet ze, want de sector is wat betreft innovatie hard op weg.

De term bimodal IT introduceerden we aan het begin van het vorige decennium. Bij Gartner zagen we dat de business behoefte had aan snelheid en wendbaarheid bij het ontwikkelen van nieuwe ideeën en werkwijzen. Snelheid die IT-afdelingen in die tijd – en nu vaak nog – simpelweg niet konden bieden. Zij focusten zich voornamelijk op mode 1: het verzorgen van stabiele en betrouwbare IT-systemen. ERP als ruggengraat waar een bedrijf op draait.

Inventief als ze zijn, bedachten collega’s van de business work-arounds om innovaties toe te passen en snelheid te creëren met nieuwe businessprocessen en nieuwe diensten. Dat ging knellen. De business die cloud-oplossingen contracteerde, had bijvoorbeeld toch klantinformatie vanuit het traditionele ERP-systeem nodig om ‘de nieuwe voorkant’ van de juiste informatie te voorzien. En daarvoor waren ze aangewezen op de – in hun ogen – trage, dure en inflexibele achterkant.

Vooroplopen kan alleen als je beide 'modes' omarmt

Die betrouwbare basis in IT (mode 1) én snelle digitale innovatie (mode 2) zouden juist twee aaneengesloten elementen binnen een organisatie moeten zijn om succes te boeken. Enter het bimodal IT-framework. Zoals Peter Kleinjan al in zijn eerdere blog over ons bimodal IT-model uiteenzette en ook Patrick Beks beargumenteerde: bedrijven hebben beide ‘modes’ nodig om voorop te kunnen lopen.

Ook start-ups hebben uiteindelijk mode 1 nodig

De huidige concurrentie in de markt is veelal gebaseerd op nieuwe ideeën van jonge organisaties. Deze gooien de markt overhoop en zorgen ervoor dat bestaande bedrijven zich moeten weren. Die bestaande, ‘traditionele spelers’ zullen op hun beurt wendbare elementen in hun processen moeten introduceren om voort te blijven bestaan.

We zien bij Gartner dat start-ups die disruptief te werk gaan en zich in de eerste fase alleen focussen op de propositie en het minimal viable product, op termijn ook behoefte hebben aan een robuuste stabiele basis. Wanneer hun producten eenmaal geland zijn in de markt, hebben ze een klantenbasis en een model voor dienstverlening. Daarin willen ze geen fouten riskeren en als er iets misloopt, willen ze dat snel en zonder kleerscheuren oplossen.

Meerdere bimodal-wegen leiden naar Rome

Hoe een bimodal-framework eruitziet in een individueel bedrijf en hoe lang de implementatie van deze werkwijze duurt, is enorm afhankelijk van het type onderneming. Bedrijven met geen of weinig legacy en een moderne software-architectuur kunnen het model sneller en makkelijker inbedden. Ze starten met een agile werkproces en introduceren mode 1 geleidelijk en alleen waar noodzakelijk. Een klassiek productiebedrijf, gehecht aan een storingsvrij verloop van processen en het bijbehorende beheer, ziet mode 2 als iets experimenteels. Dit type bedrijf schrikt terug van de dreiging om onverhoopt klanten te moeten teleurstellen. In dat geval wordt mode 2 in eerste instantie in kleine stapjes opgetuigd.

Werk je in een bedrijf met veel legacy, dan loont het om eerst aan de klantinteractie-zijde te starten met innovatie. Dit zogeheten laaghangend fruit leent zich goed voor de ontwikkeling van applicaties aan de voorkant van je systeem zonder al je core-processen te verstoren. Bovendien heeft het ook direct effect op je dienstverlening. Banken introduceerden jaren geleden klantportalen om online te kunnen bankieren via pc’s en zetten nu vol in op mobiel bankieren. In sommige gevallen – wanneer het lastig is om innovatie te koppelen aan bestaande dienstverlening – richten bedrijven een nieuw label op om de waarde van een idee te toetsen aan de markt. Ideaal, want initieel hoeft er geen rekening te worden gehouden met het huidige applicatielandschap en bestaande klanten.

De tweede golf van digitalisering

De huidige ontwikkeling gaat naar ‘software everywhere’. Was de eerste fase gericht op producten en diensten die je volledig digitaal kon maken, nu worden fysieke apparaten, machines en andere assets uitgerust met software, sensoren en internetaansluitingen. De werelden van IT en Operations Technology raken hierdoor steeds meer vervlochten. De fysieke wereld van fabrieken, logistiek, machines en apparaten versmelt met digitale componenten en dat levert volop kansen en succesverhalen.

Een goed voorbeeld is de manier waarop Trenitalia de sterk uiteenlopende onderhoudsbehoefte van de eigen treinstellen slimmer instak. Treinen in de Alpen hebben nou eenmaal een ander slijtagepatroon dan die in het snikhete Calabrië. Een locomotief uit de roulatie halen voor een compleet onderhoud, kost veel tijd en geld. Om de beschikbaarheid van de treinstellen in de dienstverlening te verhogen, rustte Trenitalia componenten van treinen uit met sensoren. Door de sensoren op kritische onderdelen te bevestigen, kan het Italiaanse bedrijf via real-time en predictive analytics precies zien welk specifiek onderdeel wanneer onderhoud nodig heeft. Door heel gericht onderhoud te plegen op de assets, heeft het bedrijf de effectieve inzet van zijn treinstellen en daarmee de kwaliteit van de dienstverlening enorm weten te verhogen. Tegelijkertijd kon Trenitalia de kosten van onderhoud en de buitengebruikstelling van treinstellen verlagen.

De versmelting van de asset-intensieve industrie met de digitale wereld

Het voorbeeld van Trenitalia is tekenend voor de trend die we nu zien: het versmelten van de asset-intensieve industrie met de native digital-wereld. Steeds meer processen, producten en diensten zullen een elektronische representatie (of Digital Twin) krijgen. Daarmee kan het beheer en gebruik van assets totaal andere vormen aannemen. Zo zullen er nieuwe businessmodellen ontstaan, met een eigen speelveld, waarin eigendom, beheer en exploitatie van assets totaal anders kan worden georkestreerd.

De tijd dat de asset-intensieve industrie zich veilig kon wanen voor digitale disruptie is voorbij. En de tijd waarin men geloofde dat deze sector – met al die fysieke assets – niet te digitaliseren viel, eveneens. Een mooi voorbeeld hiervan is Uber, een bedrijf dat groot wist te worden in taxivervoer zonder zelf auto’s te kopen of chauffeurs in dienst te nemen.

Het bimodal-framework is dus niet langer voorbehouden aan bedrijven met weinig legacy. Ook voor traditionele spelers is het geknipt. Het helpt hen zichzelf te vernieuwen door – naast het team dat zorg draagt voor een stabiele core en de single source of truth – een team te vormen dat iteratief aan de slag gaat met digitale innovaties. Bouwend op en gebruikmakend van de core-processen.

Mijn advies aan asset-intensieve bedrijven voor het komend decennium? Zorg dat je je sector en bijbehorende bedrijfsprocessen door en door kent. En, zorg dat je genoeg kennis hebt van die enorme hoeveelheid technologische ontwikkelingen die op jouw industrie afkomen. Kortom: zorg voor een gebalanceerde wisselwerking tussen mode 1 en mode 2. Die is essentieel voor het creëren van de innovatieve impact en robuuste slagvaardigheid die je als bedrijf vandaag de dag nodig hebt.

Meer weten? Lees ook: